Ter ere van het 75-jarig bestaan verschijnt er een speciaal jubileumboek dat alle NKV-leden gratis zullen ontvangen. Deze uitgave, getiteld ‘Toneel in de Oudheid’, is geschreven door de bekende classicus en vertaler Hein van Dolen en bevat daarnaast... Lees verder >>
Ter ere van het 75-jarig bestaan verschijnt er een speciaal jubileumboek dat alle NKV-leden gratis zullen ontvangen. Deze uitgave, getiteld ‘Toneel in de Oudheid’, is geschreven door de bekende classicus en vertaler Hein van Dolen en bevat daarnaast bijdragen van enkele andere auteurs.
Speciaal voor het 75-jarig jubileum geeft het Nederlands Klassiek Verbond een fraai jubileumboek uit, getiteld 'Toneel in de Oudheid'. Deze full-colour uitgave is geschreven door de classicus/vertaler Hein van Dolen en bevat daarnaast bijdragen van Wolfgang de Melo (University of Oxford), Hans Smolenaars (Universiteit van Amsterdam) en Patrick Gouw (Universiteit Leiden).
Over het boek
In het antieke Athene was het bijwonen van de jaarlijkse theaterfestivals het hoogtepunt van het jaar. Niet zonder reden vergeleken schrijvers in die tijd het leven met een schouwtoneel. Een bekend Grieks spreekwoord luidde dat de wereld op een theater leek en het leven op de ‘parodos’, de gang waardoor het koor op- en afkwam. De 32 overgeleverde Atheense tragedies en de 12 komedies vormen wellicht de mooiste erfenis uit de Oudheid en de opvoeringen, al dan niet in een moderne vormgeving, trekken tot op de dag van vandaag veel bekijks. Ze zijn altijd een bron van inspiratie geweest en hun zeggingskracht is groot en sterk gebleven.
In dit boek wordt voor een breed lezerspubliek een zo volledig mogelijk overzicht gegeven van de ontwikkeling en de resultaten van het Oudgriekse toneel. Aan de hand van talrijke originele citaten en afbeeldingen krijgen de lezers een kijk op de toneelpraktijk van weleer en maken zij kennis met het leven en werk van de drie belangrijkste tragediedichters en twee komedieschrijvers. Drie opstellen over het Romeinse toneel en auteurs die zich voor het merendeel lieten inspireren door hun Griekse voorbeelden, zijn eraan toegevoegd. Met name aan de Latijnse comici danken wij onze kennis over de latere ontwikkeling van het Griekse blijspel, terwijl de treurspelen van Seneca laten zien hoe eenzelfde onderwerp heel anders geïnterpreteerd kan worden
Amsterdamse toneelscènes 1665-1772 Dit boek geeft een overzicht van vijftien Amsterdamse decorprenten uit de achttiende eeuw.
De prenten tonen toneelscènes in de decors van die periode, die niet alleen een lust voor het oog zijn, maar ook –... Lees verder >>
Amsterdamse toneelscènes 1665-1772 Dit boek geeft een overzicht van vijftien Amsterdamse decorprenten uit de achttiende eeuw.
De prenten tonen toneelscènes in de decors van die periode, die niet alleen een lust voor het oog zijn, maar ook – onder meer door hun detaillering – een belangrijke bron voor de Nederlandse toneelgeschiedenis.
Onder hoofdredactie van Wiebe Hogendoorn worden deze unieke serie prenten - vermaard onder theaterhistorici - voor het eerst in samenhang uitgebreid beschreven en geduid.
Het boek bevat bijdragen van Ben Albach, Eric Alexander, Tuja van den Berg, Sietske de Jong-Schreuder, Hans de Leeuwe, Bianca M. du Mortier en Rob van der Zalm.
In kleur geillustreerd ; 2-talig
Schouwburg in beeld. Amsterdamse toneelscènes 1665-1772. Setting the Scene. The Amsterdam Stage in Pictures 1665-1772.
Na jaren verschijnt er eindelijk weer een oorspronkelijk Nederlands werk over de Europese theatergeschiedenis. In deze beknopte geschiedenis, geschreven door Marcel Schmeits, gaat de meeste aandacht uit naar de schrijver: van de Grieken uit de Oudheid... Lees verder >>
Na jaren verschijnt er eindelijk weer een oorspronkelijk Nederlands werk over de Europese theatergeschiedenis. In deze beknopte geschiedenis, geschreven door Marcel Schmeits, gaat de meeste aandacht uit naar de schrijver: van de Grieken uit de Oudheid tot in onze tijd is het geschreven drama zowel de meeste uitvoerige als de betrouwbaarste bron. Om aan die ongelijkheid evenwicht te bieden wordt in drie aanvullende hoofdstukken de historische ontwikkeling van speler, vormgever en regisseur beschreven. Dit boek is een must voor iedere theaterliefhebber, maar vormt tevens een goede aanvulling op de lespakketten van de verschillende theateropleidingen.
Sinds de heropening in 1948 is De Kleine Komedie uitgegroeid tot het meest vooraanstaande cabaret- en kleinkunsttheater van Nederland. Maar voordat alle grote namen van de afgelopen decennia er volle zalen trokken, heeft het oudste theater van Amsterdam... Lees verder >>
Sinds de heropening in 1948 is De Kleine Komedie uitgegroeid tot het meest vooraanstaande cabaret- en kleinkunsttheater van Nederland. Maar voordat alle grote namen van de afgelopen decennia er volle zalen trokken, heeft het oudste theater van Amsterdam zeer uiteenlopende bestemmingen gekend. De geschiedenis van het gebouw begint in 1786 als Theatre Francais sur l Erwtenmarkt. Vervolgens heeft het dienst gedaan als Schotse Zendingskerk, collegezaal voor studenten van de Vrije Universiteit, politieke arena, fietsenstalling voor de medewerkers van de Amsterdamse Bank en krakersonderkomen. 225 bewogen jaren, opgetekend door historicus en theaterjournalist Patrick van den Hanenberg
Youp van ’t Hek nam het eerste exemplaar van 'De Kleine Komedie, een geschiedenis' in ontvangst. Van 't Hek heeft niet alleen gevochten voor het behoud van het theater toen het in 1989 met sluiting bedreigd werd. Ook is hij de cabaretier die de meeste voorstellingen ooit in De Kleine Komedie heeft gespeeld, namelijk 275.
Het Mickery Theater werd opgericht in 1965 in een boerderij in Loenersloot, op het platteland net buiten Amsterdam. In 1972 verhuisde het theater naar het Rozentheater, een verbouwde bioscoop in het centrum van de stad. Onder leiding van de... Lees verder >>
Het Mickery Theater werd opgericht in 1965 in een boerderij in Loenersloot, op het platteland net buiten Amsterdam. In 1972 verhuisde het theater naar het Rozentheater, een verbouwde bioscoop in het centrum van de stad. Onder leiding van de charismatische Ritsaert ten Cate was het Mickery Theater een belangrijke plek voor de productie en enscenering van alternatief theater. Het speelde een voortrekkersrol in het introduceren van nieuwe en buitenlandse theatergroepen en –beoefenaars, niet alleen in Nederland maar ook in Europa. Van La Mama tot de Wooster Group, van Shuji Terayama tot Peter Sellars, van de Pip Simmons Group tot Needcompany, het Mickery Theater stond internationaal bekend om zijn experimentele keuzes. Mickery Theater. An Imperfect Archaeology gaat Mike Pearson op zoek naar wat er over is gebleven van Mickery – zowel in de archieven als in de herinneringen van hen die er werkten en voorstellingen bijwoonden. Het boek bevat foto’s van producties en ook een selectie van de baanbrekende, eigentijdse recensies van Jac Heijer.
In
In de decennia rond 1800 werd het Nederlandse toneel overspoeld met vertalingen uit het Duits. Tot dan toe had het Fransclassicistische toneel over de verheven wereld van koningen en helden een monopoliepositie gehad. In het nieuwe Duitse toneel stond de... Lees verder >>
In de decennia rond 1800 werd het Nederlandse toneel overspoeld met vertalingen uit het Duits. Tot dan toe had het Fransclassicistische toneel over de verheven wereld van koningen en helden een monopoliepositie gehad. In het nieuwe Duitse toneel stond de gewone burger centraal. Het publiek was laaiend enthousiast: met name het werk van Kotzebue veroorzaakte een ware hype. De toneelcritici daarentegen kraakten het "vreemd uitbraakzel" af. Overspel, opstand, moord en godslastering " populaire themas in dit als tweederangs beschouwde toneel " hadden een slechte invloed op de zeden en schonden de oude vormregels. De toneelcritici gaven de voorkeur aan oorspronkelijke Nederlandse toneelstukken waarin de nationale identiteit werd bevestigd. In Geliefd en gevreesd beschrijft Klaartje Groot het Nederlandse toneelleven rond 1800 en de poetica en thematiek van de vertaalde toneelstukken. Zo laat zij zien wat nu precies de aantrekkingskracht was van het Duitse toneel en waarom het zoveel ophef veroorzaakte.
Een gedegen beschrijving van het burgerlijk drama in Nederland, een nieuw dramagenre dat zich hier ontwikkelde vanaf de vroege 18e eeuw uit en naast het reeds bestaande classicistische blij- en treurspel. Mattheij beschrijft de introductie van het... Lees verder >>
Een gedegen beschrijving van het burgerlijk drama in Nederland, een nieuw dramagenre dat zich hier ontwikkelde vanaf de vroege 18e eeuw uit en naast het reeds bestaande classicistische blij- en treurspel. Mattheij beschrijft de introductie van het burgerlijk drama in de Amsterdamse Schouwburg met alle daarbij horende facetten als interne organisatie van de schouwburg, productie, samenstelling van het repertoire en receptie door het publiek. Daarnaast deed hij onderzoek naar de heersende denkbeelden over het burgerlijk drama die de uitvoeringspraktijk in de periode 1738-1788 begeleidden. Resultaat is een gedegen en complete studie en een prachtig naslagwerk voor een ieder die hier meer over wil weten.
Moderne theatervoorstellingen worden steeds meer zo gemaakt dat de beleving ervan niet meer massaal kan zijn, maar gericht is op het individu. Elke toeschouwer creëert en beleeft als het ware zijn eigen voorstelling. Soms is uitleg bij een productie... Lees verder >>
Moderne theatervoorstellingen worden steeds meer zo gemaakt dat de beleving ervan niet meer massaal kan zijn, maar gericht is op het individu. Elke toeschouwer creëert en beleeft als het ware zijn eigen voorstelling. Soms is uitleg bij een productie nodig om te kunnen begrijpen waar het om gaat.
Tussen 1995 en 2008 verzorgde Rob Erenstein in Stadstheater Zoetermeer de cursus Kijken naar toneel. De bundel Toneelbespiegelingen is hier het resultaat van. Hierin richt Erenstein zich tot de geïnteresseerde toneelliefhebber met een serie artikelen die facetten belicht van de geschiedenis van het drama en theater.
Het spreken over het moderne toneel en het uitwisselen van kijk- en belevingservaring moet volgens Erenstein zoveel mogelijk gedaan en gestimuleerd worden. Hij is ervan overtuigd dat door die uitwisseling de eigen inzichten verdiept kunnen worden en daarmee de ‘boodschap’ van de makers beter begrepen kan worden. Aan de hand van toneelstukken uit het wereldrepertoire – van Sophokles tot Thomas Bernhard – behandelt de auteur regieopvattingen, in het bijzonder rond het postmoderne gedachtegoed. Naast informatie over de auteurs, inhoud van de stukken en hun cultuurhistorische context, werpt hij licht op de vraag waarom regisseurs een stuk uit het (modern) klassieke wereldrepertoire uitbrengen en wat zij een eigentijds publiek daarmee willen vertellen.
Rob Erenstein is emeritus hoogleraar Theaterwetenschap. Van 1969-2004 werkte hij aan het Instituut voor Theaterwetenschap van de UvA. Hij publiceerde onder andere De geschiedenis van de Commedia dell’Arte (1985) en een studie over Carlo Goldoni (1993). Hij was hoofdredacteur van Een theatergeschiedenis der Nederlanden (1996) en mederedacteur van Scenarium en van Dramatisch Akkoord, een Nederlands-Vlaams jaarboek over actueel theater
Rijk geillustreerd.
Hans van Maanen schetst een geschiedenis van de toneelwereld, niet van het toneel. De productie van toneel speelt in die wereld natuurlijk een zeer belangrijke rol, maar de aandacht gaat vooral uit naar de verandering van distributie van theater door de... Lees verder >>
Hans van Maanen schetst een geschiedenis van de toneelwereld, niet van het toneel. De productie van toneel speelt in die wereld natuurlijk een zeer belangrijke rol, maar de aandacht gaat vooral uit naar de verandering van distributie van theater door de jaren heen. Ook de rol van de overheid - die onophoudelijk probeert de ontwikkelingen te volgen of beheersbaar te houden - wordt belicht. De auteur behandelt de geschiedenis van het toneelbestel op analytische wijze en besteedt daarnaast aandacht aan de belangrijkste knelpunten van het hedendaagse bestel: het kwaliteitsprobleem, de participatiekwestie en het legitimeringsvraagstuk.
Recensie(s)
NBD|Biblion recensieGedegen, goed gedocumenteerde en prettig leesbare geschiedenis van het Nederlandse toneelbestel (d.w.z. het van overheidswege aangestuurde toneelbeleid) van 1945 tot 1995. Een uitgebreide voorgeschiedenis belicht hoe voor de Tweede Wereldoorlog de toneelgezelschappen zichzelf moesten bedruipen en daartoe vaak veel water in de cultuurwijn deden. Na de oorlog was de behoefte aan 'geestelijke wederopbouw' zodanig dat het toneel structureel gesubsidieerd werd en zich niet meer hoefde te bekommeren om 'de markt'. Met Actie Tomaat (in 1969) volgde een implosie. De lijn sinds 1970 (waarin de gezelschappen weer een deel van hun inkomsten zelf moeten verwerven) behoeft anno 1995 enige bijstelling. Boeiend aan het boek zijn niet zozeer de politieke dilemma's maar de vrij complete geschiedenis van het toneel na 1900. Niet zozeer in kunst-inhoudelijk, maar eerder cultuur-sociologisch perspectief. Met veel tabellen, feiten, theorieën en citaten schetst Van Maanen een levendig beeld van 90 jaar toneel, toneelreceptie en -beleid, afgerond met een klein toekomst'debat'. Een zeer nuttige uitgave voor méér dan alleen 'het veld' . Bibliografie, register en appendices vervolmaken de verrassend veelzijdige informatie.(Biblion recensie, Willem Nijssen.)
Theatre Histories: An Introduction is a bold and innovative way of looking both at the way we understand performance and the ways in which history is written. Its chapters offer clearly written overviews of theatre and drama in many world cultures and... Lees verder >>
Theatre Histories: An Introduction is a bold and innovative way of looking both at the way we understand performance and the ways in which history is written. Its chapters offer clearly written overviews of theatre and drama in many world cultures and periods. These and its unique in-depth case studies demonstrate the methods used by today's theatre historians. Using a new narrative strategy that challenges the standard format of one-volume theatre history texts, the authors help the reader think critically about performance in all its global diversity. Theatre Histories explores aesthetic and interpretive approaches from many cultures, continents and time periods. The authors explore kabuki and kathakali with as much range and depth as Shakespeare, vaudeville and realism
Omschrijving Dit 176 pagina’s tellende boek vertelt de complete 90-jarige geschiedenis van de Stadsschouwburg Haarlem, volledig in kleur, met prachtige foto's. De Stadsschouwburg Haarlem, geopend in 1918, is de ‘grand old lady’ uit de Nederlandse... Lees verder >>
Omschrijving Dit 176 pagina’s tellende boek vertelt de complete 90-jarige geschiedenis van de Stadsschouwburg Haarlem, volledig in kleur, met prachtige foto's. De Stadsschouwburg Haarlem, geopend in 1918, is de ‘grand old lady’ uit de Nederlandse theatergeschiedenis en één van de weinige Nederlandse schouwburgen die nog dateren van vóór de Tweede Wereldoorlog. Het monumentale pand van architect J.A.G. van der Steur in het centrum van Haarlem is door (EEA) Erick van Egeraat Associated Architects verbouwd en gerenoveerd. De zaal, een zogeheten bonbonnièrezaal, is in ere hersteld en biedt plaats aan 650 bezoekers. Deze luxe gebonden uitgave telt 176 pagina’s in kleur en vertelt de 90-jarige geschiedenis van de Haarlemse Stadsschouwburg. Vele grote namen uit de theaterwereld beschrijven daarbij hun liefde voor dit monument. Daarnaast wordt er ruim aandacht besteed aan de grootscheepse verbouwing en de heropening. ‘Het Geschenk’, een alomvattend beeld van Haarlemse theatergeschiedenis, geïllustreerd met uniek fotomateriaal uit eigen archieven.
Het Haagse theaterleven kent een rijke en bloeiende geschiedenis. Vanaf de middeleeuwen heeft het zich veelvormig ontwikkeld: van klassieke drama's met strenge toneelwetten tot een vrijer en speelser operaleven. Ook vormen als het romantische drama, het... Lees verder >>
Het Haagse theaterleven kent een rijke en bloeiende geschiedenis. Vanaf de middeleeuwen heeft het zich veelvormig ontwikkeld: van klassieke drama's met strenge toneelwetten tot een vrijer en speelser operaleven. Ook vormen als het romantische drama, het naturalisme, het expressionisme en de revue werden met applaus ontvangen, niet in de laatste plaats door de Oranjes.Barend Jan Donker voert u mee achter de coulissen en naar de zalen met gevoel voor nostalgie en geestige anekdotes - en legendarische figuren als Fie Carelsen, Henri ter Hall, Theo Mann-Bouwmeester en Johan Buziau in de hoofdrol.Lees- en kijkplezier is verzekerd met Scènes uit een Haags toneelverleden.Van de auteur verscheen eerder Haagse theaters toen en nu, waarin hij vooral op de geschiedenis van de theatergebouwen ingaat.
Known as the "bible" of theatre history, Brockett and Hildy’s History of the Theatre is the most comprehensive and widely used survey of theatre history in the market.
This 40th Anniversary Edition retains all of the traditional features... Lees verder >>
Known as the "bible" of theatre history, Brockett and Hildy’s History of the Theatre is the most comprehensive and widely used survey of theatre history in the market.
This 40th Anniversary Edition retains all of the traditional features that have made History of the Theatre the most successful text of its kind, including worldwide coverage, more than 530 photos and illustrations, useful maps, and the expertise of Oscar G. Brockett and Franklin J. Hildy, two of the most widely respected theatre historians in the field. As with every edition, the text reflects the current state of knowledge and brings the history of theatre up to the present. This tenth edition continues to provide the most thorough and accurate assessment of theatre history available
De boeiende geschiedenissen van alle theaterzalen, schouwburgen en openluchttheaters in Nederland, alfabetisch op plaatsnaam geordend, met veel praktische informatie, zoals de capaciteit van de zalen én technische gegevens.
De boeiende geschiedenissen van alle theaterzalen, schouwburgen en openluchttheaters in Nederland, alfabetisch op plaatsnaam geordend, met veel praktische informatie, zoals de capaciteit van de zalen én technische gegevens.
Theaters in Nederland sinds de zeventiende eeuw is de weerslag van meer dan tien jaar archiefonderzoek. Het resultaat is een onmisbaar naslagwerk voor iedereen die geïnteresseerd is in theater en architectuur. Maar Theaters in Nederland sinds de 17e eeuw biedt meer. In vier hoofdstukken wordt ingegaan op de reizende theatertenten in de 17e en 18e eeuw, de veranderende positie van het theater in de 19e eeuw, de 20e-eeuwse ontwikkeling van de schouwburg naar het locatietheater en het openluchttheater. Het onderzoek werd verricht door de Nederlandse afdeling van de Organisation Internationales des Scenographes, Techniciens et Architectes de Thèâtre (OISTAT Nederland), als onderdeel van een Europees onderzoek naar alle theaters waar sinds de zeventiende eeuw beroepmatig toneel werd en wordt gespeeld.
Vroeger gingen veel mensen alleen met de kermis naar een toneelvoorstelling. De voorstellingen werden dan meestal door rondreizende gezelschappen gespeeld die met een mobiele schouwburg door het land trokken. De groepen bestonden vaak uit hele families.... Lees verder >>
Vroeger gingen veel mensen alleen met de kermis naar een toneelvoorstelling. De voorstellingen werden dan meestal door rondreizende gezelschappen gespeeld die met een mobiele schouwburg door het land trokken. De groepen bestonden vaak uit hele families. Zij boden een gevarieerd programma en boekten tot de crisis van de jaren dertig grote successen. Ook de film begon zijn opmars op de kermis. Eerst deed de komst van de reizende bioscopen de rondtrekkende schouwburg verdwijnen. Later nam de vaste bioscoop langzaam de plaats van de reisbioscoop in. In dit boek het verhaal van een van die ambulante gezelschappen die als een karavaan door Brabant en Limburg trok om op kermissen te staan: de familie Vink-Vandenberghe. Uiteindelijk streek hun rondreizende schouwburg neer in Deurne. Van 1941 tot 1985 exploiteerde de familie bioscoop- en theaterzaal Bio-Vink.
In 2005 bestaat de Leidse Schouwburg 300 jaar. Tweemaal, in de jaren zestig van de negentiende en van de twintigste eeuw, dreigde de schouwburg te worden gesloopt. Maar beide keren koos Leiden uiteindelijk voor uitbreiding van dit theater aan de Oude... Lees verder >>
In 2005 bestaat de Leidse Schouwburg 300 jaar. Tweemaal, in de jaren zestig van de negentiende en van de twintigste eeuw, dreigde de schouwburg te worden gesloopt. Maar beide keren koos Leiden uiteindelijk voor uitbreiding van dit theater aan de Oude Vest. Daardoor is dit nu het oudste theater in Nederland, en volgens velen ook het mooiste.
In Wat geeft die Comedie toch een bemoeijing! wordt de geschiedenis van het gebouw vanuit verschillende gezichtshoeken beschreven. Het repertoire van de schouwburg had eigen, Leidse accenten.Vaak had dat te maken met de positie van Leiden als universiteitsstad. De studenten die in 1831 terugkwamen van de Tiendaagse Veldtocht, werden in allerlei gelegenheidsstukken bejubeld, en het waren ook studenten die ervoor zorgden dat de Leidse Schouwburg in de tweede helft van de twintigste eeuw een bijzondere betekenis kreeg voor het Nederlandse cabaret.
Dit boek is interessant voor bezoekers van de schouwburg, abonnementshouders, geinteresseerden in de geschiedenis van Leiden en geinteresseerden in theatergeschiedenis.
geillustreerd
Prof.Dr.Hans de Leeuwe, Essen 1916, was de grondlegger van een nieuwe academische discipline: Het Instituut voor Theaterwetenschap te Utrecht.In Theater ist Grenzenlos heeft hij zijn belangrijkste artikelen over dit thema gebundeld
Zu diesem Buch
Lees verder >>
Prof.Dr.Hans de Leeuwe, Essen 1916, was de grondlegger van een nieuwe academische discipline: Het Instituut voor Theaterwetenschap te Utrecht.In Theater ist Grenzenlos heeft hij zijn belangrijkste artikelen over dit thema gebundeld
Zu diesem Buch
Der Verfasser, der Holländer Prof. Dr. Hans de Leeuwe, Essen 1916, studierte Germanistik in Amsterdam und Theaterwissenschaft in Köln, Berlin und Wien. 1961 gründete er – Pionier einer neuen akademischen Disziplin – das Institut für Theaterwissenschaft an der Universität Utrecht. Seine Publikationen zeugen alle von Liebe zu Drama und Theater und Bewunderung für die magische Kunst des Schauspielers. Die hier vorliegenden Aufsätze zeichnen ein langes Forscherleben; sie sind mit Absicht unverändert geblieben und bieten ein abwechslungsreiches Bild der niederländischen und deutschen Theatergeschichte. Im vierten Teil “Begegnungen” erreichen sie das Hauptziel: gegenseitiges Verstehen. Theater und Drama kennen keine Grenzen. De Leeuwe erzählt gern und ohne Umschweife, wie es war und geworden ist. Sie lesen hier u.a. Goethes Faust auf der holländischen Bühne – Niederländische Übersetzungen von Goethes Faust – Vondels Jephta in Köln – Der Erzengel Rafael in Vondels Gijsbrecht van Aemstel: Darstellung des Wunderbaren auf der holländischen Bühne – Heinrich von Kleist und die Niederlande – Sechshundert Jahre komödiantisches Theater in Holland – 11 Mai 1772: Die Schauburg brennt! – Aubers Stumme von Portici <metricconverter productid="1830 in">1830 in </metricconverter>Brussel – Die Theateranekdote und ihre Bedeutung – Goethe und die Welt des Theaters.
Bundel met acht artikelen die evenzoveel facetten van het Nederlandse theater tijdens de Tweede Wereldoorlog belichten.
De artikelen zijn allemaal tot stand gekomen op basis van nieuw onderzoek en hebben zeer uiteenlopende onderwerpen; tegenover de... Lees verder >>
Bundel met acht artikelen die evenzoveel facetten van het Nederlandse theater tijdens de Tweede Wereldoorlog belichten.
De artikelen zijn allemaal tot stand gekomen op basis van nieuw onderzoek en hebben zeer uiteenlopende onderwerpen; tegenover de koele statistieken van het publieksbezoek tijdens de oorlog staat bijvoorbeeld het tragische verhaal van een ‘foute’ actrice. De kortstondige (en roerige) geschiedenis van het nationaal-socialistische theatergezelschap Deutsches Theater in den Niederlanden wordt uitgebreid beschreven, terwijl ook het mysterie van de clandestiene voedselhulp aan hongerige kunstenaars eindelijk wordt opgelost. Wat gebeurde er tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland op het gebied van theater? Welk repertoire werd er gespeeld en door wie? Hoe is het mogelijk dat het kerstpel De ster van Bethlehem van de ‘verboden schrijver’ Martinus Nijhoff ieder oorlogsjaar werd gespeeld en een groot publiek wist te trekken. Hebben de beroemde ‘zwarte avonden’ echt plaatsgevonden en wie kwamen daar op af? Op deze – en nog veel meer vragen – krijgt u in Spelen onder spanning eindelijk een antwoord. Want reken maar dat het in die tijd spannend was om te spelen!
Auteur(s): Francine Albach, Kester Freriks, Jacques Klöters, Jessica Voeten [et.al.]
Toon Brouwers, Luk Van den Dries, Frank Peeters, Jaak Van Schoor en Jozef De Vos; uitgave Toneelhuis
De première van 'De Dronkaerd' door Het Nationael Tooneel in Antwerpen op 6 oktober 1853 betekende de start van het Nederlandstalige beroepstoneel in... Lees verder >>
Toon Brouwers, Luk Van den Dries, Frank Peeters, Jaak Van Schoor en Jozef De Vos; uitgave Toneelhuis
De première van 'De Dronkaerd' door Het Nationael Tooneel in Antwerpen op 6 oktober 1853 betekende de start van het Nederlandstalige beroepstoneel in Vlaanderen.
Tussen die première van het Nationael Tooneel, over de activiteiten van de Koninklijke Nederlandse Schouwburg, tot Het Kouwe Kind, de laatste voorstelling van Het Toneelhuis in een regie van Luk Perceval op 27 juni 2003 liggen honderdvijftig boeiende jaren toneelgeschiedenis.Geschreven door de professoren , prachtig geïllustreerd met authentiek beeldmateraal.
Koormuziekwinkel
De website voor de koorzanger en liefhebber van koormuziek. Bladmuziek-Boeken-Cd's-Dvd's
Kunstboekwinkel
Website voor Kunstboeken-Kunst dvd's en boeken over creatieve hobby's. Nu meer dan 300 titels in de OPRUIMING. Profiteer van meer dan 40% korting