Hebben de stukken van Rob de Graaf vaak iets kwetsbaars en geslotens, omdat je deelgenoot wordt van een moeizaam in stand gehouden utopie die elk moment kan breken, in Geslacht is – zoals de titel al voorspelt - de illusie al gebarsten. Ongetwijfeld geinspireerd door de klassieker Who is afraid of Virginia Woolf drinken en roken de twee aftandse yuppen Yokram en Chra erop los en vitten op elkaar met venijn en humor als in een vernietigend spel. Ook in het bijzijn van hun 'beste vriend' Attergat, die zijn nieuwe liefde uit Chili komt voorstellen, draait alles om hun onderlinge woordenstrijd, vol krachtige metaforen, die zich vooral richt op uiterlijk en lichaamsveroudering. Toch heeft ook dit gezelschap zijn geslotenheid. Met stuitend gemak wordt de Chileen als een exotisch natuurwezen weggezet. Hij zal wel een gelukszoeker zijn, wordt veronderstelt, en de gastvrouw oppert dat zijn man-zijn wordt onderdrukt in zijn homoseksuele relatie en biedt zich aan hem aan. Een vergelijking kan niet uitblijven met de Nederlandse samenleving die, onderling verdeeld, een eenheid probeert te vormen ten opzichte van asielzoekers en andersdenkenden, en ze als collectief een stempel opdrukt. Een existentiële wanhoop blijkt bindend. De relatie tussen Yokram en Chra, met hun patserige sekte-namen, is even veelzeggend. Yokram is de intellectueel die geen weerwoord heeft tegen de macht van het kapitalisme, waar hij ooit tegen streed door als kraker destructie te bepleiten. Uiteindelijk is hij getrouwd met een ondernemer, die haar leven in het teken van haar bedrijf en het geld heeft gezet. De twee houden elkaar in een verstikkende wurggreep. Zelfs als Chra door kanker wegteert, blijft Yokram haar trouw. Slachtoffer van hun spel wordt het verse paar. Attergat, die nog enig idealisme leek te koesteren, verenigt beide keerzijden. Hij is als voormalig kraker bedrijfseconomie gaan studeren en vervolgens als wethouder in een stadsdeel beland, verantwoordelijk voor de stratenaanleg. Voor zijn avontuur met de Chileen en in de hoop op een nieuwe jeugd heeft hij zijn baan opgegeven. Maar even makkelijk als hij bezweert van hem te houden, zegt hij uit te kijken naar iets nieuws zodra de Chileen weg is. Deze keert terug naar zijn land om te trouwen met de vrouw die op hem wachtte. Het beviel hem toch niet echt in Nederland, te koud en kil - ook de zogenaamde natuurmens blijkt enig pragmatisme niet vreemd.
Geslacht ging op 5 februari 2004 in première, gespeeld door Dood Paard.
Fragment
Chra en Kilo [In het huis van Attergal]
Kilo Qué bebes? Cerveza, té....
Chra No...- yes...- tea...- No Spanish, me....- No alcohol either...- ha ha ha It's OK with you? Where Attergal?
Kilo He works...- I don't know
Chra Listen, you...- don't tell him I been here, OK? There's no need to
Kilo Why you come?
Chra I don't know I want to come...- to talk to you...- Godverdomme, kan ik niet gewoon...- Dat Engels, dat gaat niet Can I speak Nederlands?
Kilo Yes Ja I can understand I go to language school now And Attergal always...-
Chra Attergal, Attergal altijd...- Daar gaat het me juist om, jongen Ik dacht aan hoe je hier zit, zo beklemd Als een pad in een te klein terrarium Heb je wel goed over alles nagedacht, toen je daar in dat land van je nog lekker onder je strooien hoed in de zon zat Ik weet het niet Ik dacht - misschien wil je wel eens praten 't Is toch anders, lijkt me, met een...- Of maakt jou dat niets uit? Vrouwen, bedoel ik - kan dat je echt niets schelen? Ik kan het me niet voorstellen...- Ik zag je zo kijken, toen, zo geknakt en dat heeft me niet los gelaten Weet je - ik zit ook klem in..- in allerlei dingen
Kilo Perdón Tengo que irme un momento
[Kilo af; Chra blijft gewoon doorpraten, alsof hij er nog is]
Chra Ik heb altijd zo hard moeten werken om op mijn benen te blijven staan En daarbij ben ik zo alleen geweest Je hebt hem gezien - Yokram Die is zo volkomen met zichzelf bezig Hij heeft zogenaamd boeken gelezen Hij heeft een visie op de wereld, schijnt het - al heeft hij aan mij nooit uit kunnen leggen wat het nu precies is, dat wat hij allemaal ziet Samen nieuwsgierig zijn we allang niet meer Wat ons bij elkaar houdt is alleen nog maar gewenning - of misschien moet je het wederzijds medelijden noemen Compassie van de machtelozen We blijven naar elkaar lachen, zoals apen doen wanneer ze willen laten zien dat ze niet op vechten uit zijn Daarom woon ik in mijn honger En daarom woont in mij de honger Mijn lichaam gaat langzaam kapot, Kilo Ik weet niet wat ik verder nog moet Ik weet niet hoe ik het kan verdragen Jij hebt dat toch ook, ik heb het gezien Laten we...- Jezus, wat zeg ik allemaal Kilo?
[Kilo op]
Chra Wat zeg je tegen me? Je moet iets zeggen Ik vind jou zo'n vat vol zoete olie Je mag me niet teleurstellen Weet je echt niet hoe het voelt? Echt niet? Nooit? Ik heb nog iets zachts dat je aan kunt raken Als je niet te hard duwt - want dan voel je mijn botten Kilo Kom Probeer het, alsjeblieft Laat me niet voor niets gekomen zijn
Kilo Please I don't...-
Chra Ja wel Niet zeggen dat je dat niet wil Hoe kun je zeggen dat je 't niet wil als je niet weet wat het is?
Kilo What is it you want? You think I'm all alone? You think I'm not happy?
Chra Not happy? You? Ja - precies Daar gaat het juist om Twee keer ongelukkig, dat is een basis, jongen Wij kunnen elkaar bevrijden Ik heb je zoveel uit te leggen En ik zie, ik weet dat je het zult begrijpen You You honest You nature You butterfly, hoe heet het I alone I business woman, you know Making money all the time So sad
Kilo I don't want money Please...-
Chra Nee - dat bedoel ik toch helemaal niet Het enige Het enige wat ik wel bedoel...- Het is koud, Kilo Het is koud en jij moet me vasthouden Jij moet een man zijn, een dier De pony waar ik op reed toen ik een meisje was
Kilo It's better you go Attergal comes home
Chra Ik kom naar je toe Ik kom kruipend naar je toe, Kilo Als het kan Als het mag
Kilo Sorry I feel bad You must understand that I...-
Chra OK Niet zeggen Ik weet het, ik begrijp het Ik ben een gruwel voor je oog Ik ben een vrouw, een Europees skelet Een onbewoonbaar huis, dat ben ik Een koude grot waaruit het doodsvocht komt gedruppeld En die grot, daar wil jij niet naar binnen En jij loopt liever in de open lucht Hoe heette dat park? Concepción...-
Kilo Anunciación
Chra Ach, man, wat kan mij dat schelen Als jij niet naar mij luistert, wat heb ik dan met jou te maken Nog meer egocentrisme - dat verdraag ik niet
Kilo You do not take me serious I am no oil I am a man
Chra Als je een man was dan deed je wel anders Dan zou je op zijn minst een poging doen om de bloem die ik je voorhoud te plukken - al is het ook niet meer dan een pluizige paardebloem
[Attergal op]
Attergal Chra Wat zie je eruit Ik bedoel...- Sorry Gaat het? Ik wist niet dat je hier zou zijn
Chra Je moet het doen Hij moet het doen, Attergal Zeg jij het dan tegen hem Hij moet het van me aannemen Of heb ik nergens recht op? Ik heb geen contact meer Met niets en met niemand Ik weet wat verrotting is Laat me toch En laat hem toch Hij wil het Hij wil het net zo erg als ik, alleen hij weet het nog niet Hij heeft nee gezegd Hij heeft nee tegen mij gezegd maar ik ben al niet kwaad meer Attergal...- Kilo...- Please… |
'Het gaat slecht met de moderne Europeaan, lijkt Rob de Graaf met zijn toneelstuk te willen zeggen. Hij is egocentrisch, eenzaam, verward en affectief verwaarloosd. Idealen heeft hij niet meer en het enige waarvan hij is bezeten, is zijn eigen sterfelijkheid.' (…) 'De tekst kent alleen maar hoogtepunten, geestig en pijnlijk tegelijk, en Dood Paard vond een vorm waarin niet alleen plaats is voor satire maar ook voor compassie. Soms slaat het realistische kamerspel van Manja Topper, Gillis Biesheuvel, Oscar van Woensel en Anil Jagdewsing ineens om in een pathetisch carnaval. Schmink wordt opgesmeerd, Bach opgezet en een optocht van erbarmelijke schertsfiguren trekt voorbij, met een groteske Christus-aan-het kruis en wenende volgelingen. Het is om te huilen en om te lachen tegelijk, en een groter compliment kan ik niet verzinnen.' (Anneriek de Jong, NRC Handelsblad, 17-02-2004)
'Onder dit spervuur van wansmaak, kitsch en feestelijke gekte blijft het drama schrijnen. Het drama openbaart zich als een soort virus van onmacht dat zich thuis voelt in deze chaos van zachte kussens, scherpe tongen en relativerende, tegendraadse speelstijlen. Geen ontkomen aan.' (Peter van Strien, Dagblad van het Noorden, 27-02-2004) |